Het Rijksmuseum is één van de bekendste musea in Nederland. Iedereen weet dat het Rijksmuseum gevestigd is in Amsterdam en dat het museum ieder jaar miljoenen mensen trekt om een glimp van De Nachtwacht op te vangen. Wij gaan het dit keer hebben over drie dingen die je nog niet over het Rijksmuseum weet! 

 

Rijksmuseum niet in Amsterdam 

Om het verhaal goed te beginnen moeten we terug naar het jaar 1798. Het Rijksmuseum wat we nu kennen bevond zich vroeger niet in de hoofdstad Amsterdam. In het jaar 1798 wilde de Nederlandse regering net als de Fransen een nationaal museum oprichten. Dit zou een plek moeten zijn om liefde voor het land aan te wakkeren en belangrijke spullen op te slaan. In 1800 opende het nationaal museum voor het eerst zijn deuren in Huis Ten Bosch in Den Haag. Het museum begon met ruim tweehonderd schilderijen en historische voorwerpen. De eerste aankoop van het museum was De Zwaan van Jan Asselijn. Dit is nog steeds een iconisch kunstwerk in het Rijksmuseum. 

De bedreigde zwaan, Jan Asselijn, schilderij, Olieverf op doek

Pas in 1808 verhuisde de toenmalige koning Lodewijk Napoleon de collectie naar Amsterdam: de stad werd toen ook uitgekozen als hoofdstad. De collectie verhuisde naar het Paleis op de Dam. Daar is de collectie samengebracht met de belangrijkste schilderijen van de stad Amsterdam  waaronder het schilderij De Nachtwacht van Rembrandt van Rijn

De naam ‘Rijks Museum’ ontstond toen Koning Willem I in 1813 naar Amsterdam verhuisde. De voormalige koning verhuisde samen met kunstwerken uit Den Haag naar het stadspaleis aan de Kloveniersburgwal in Amsterdam. Helaas bleef de prachtige collectie van het nieuwe Rijksmuseum niet compleet. De meeste topstukken werden verdeeld over verschillende steden zoals Leiden, Den Haag en Haarlem. Het Rijksmuseum bleef toen maar met weinig over. 

 

Pierre Cuypers won de prijsvraag van het Rijksmuseum 

Vanaf 1816 was de locatie van het Rijksmuseum in het Trippenhuis gevestigd. Maar al snel voldeed deze plek niet meer aan alle eisen. Nederland moest een grotere locatie hebben voor een nationaal museum. Omdat er geen ander gebouw in Amsterdam geschikt was, werd er geld vrij gemaakt om een nieuw museum te bouwen. Om het ontwerp van de bouw makkelijker te maken werd er een prijsvraag uitgeschreven met een aantal architecten, zoals Johan Metzelaar, in de jury. Deelnemers konden hun eigen idee voor een nieuw Rijksmuseumgebouw inzenden en kregen de opdracht om een ontwerp voor het Rijksmuseum te maken. 

Architect Pierre Cuypers deed ook mee en stuurde zijn ontwerp op. Hij had voor het Rijksmuseum een ontwerp gemaakt in een historische stijl. Zijn ontwerp voor het gebouw van het Rijksmuseum bestond uit een combinatie van gotiek en renaissance en stond symbool voor het vaderland. De eerste ontwerpen werden afgekeurd dus stuurde Cuypers een nieuw ontwerp op die dichter bij de wensen van de jury lag. Architect Cuypers won met achttien stemmen, de architecten Pieter Vogel en Eberson werden respectievelijk tweede en derde. 

Na lang overleg kon Pierre Cuypers in 1876 eindelijk met de bouw van het Rijksmuseum beginnen. In 1885 werd het Rijksmuseum officieel geopend. De collectie Rijksmuseum schilderijen werd aangevuld met nog meer kunst uit Amsterdam. Rembrandts Joodse Bruidje was één van de kunstwerken en heeft nog steeds veel betekenis voor de collectie van het Rijksmuseum. Aan de buitenkant van het museum heeft Pierre Cuypers zichzelf op de muur afgebeeld. Het beeld van Cuypers is nog steeds aan de zijkant van toren zes aan de kant van het Museumplein te zien. 

 

De gleuf van de Nachtwacht 

De meeste objecten in het museum zijn in het bezit van het Rijk. Alleen het Nachtwacht schilderij niet. Het doek is namelijk in het bezit van de stad Amsterdam. Het kunstwerk van Rembrandt heeft daarom een belangrijke status voor de hoofdstad gekregen. Als je onder de tunnel van het Rijksmuseum doorfietst, sta je precies onder De Nachtwacht. Wie nog beter kijkt ziet aan de buitenkant van de tunnel een grote gleuf zitten. Dit is speciaal voor Rembrandts Nachtwacht ontworpen Precies voor de Duitse inval in 1940 werd de de vloer in de Nachtwachtzaal gemaakt. Toen de Duitsers binnenvielen is De Nachtwacht via deze gleuf uit het Rijksmuseum gehaald en in veiligheid gebracht. 

De Nachtwacht moest jaren later nog een keer door de gleuf naar beneden tijdens de verbouwing van het Rijksmuseum. Het kunstwerk werd negen jaar lang in de Philipsvleugel tentoongesteld. Het verplaatsen van het Nachtwacht schilderij was geen makkelijke klus. Het doek werd eerst in een houten frame gezet die speciaal voor De Nachtwacht een isolatielaag van bijzonder schuim en een beschermdeken had. Het schilderij is langzaam naar beneden geschoven en werd in de nacht naar zijn andere plek gebracht. 

Het Rijksmuseum schilderij de nachtwacht

 

Het is de missie van MuseumTV om een zo breed mogelijk publiek in aanraking te brengen met kunst en cultuur. Dit doen wij op ons gezamenlijke video on demand-platform voor de Nederlandse musea. Via onze partners brengen wij het platform actief onder de aandacht van het Nederlandse publiek.

expand_less

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief

ontvang het laatste nieuws, tips en aanbiedingen
van MuseumTV.nl
Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden en het privacy beleid.

buy windows 11 pro test ediyorum