Sinds 1 juni zijn de musea weer open en mogen we ons weer te goed doen aan alle mooie en leerzame collecties en tentoonstellingen die de Nederlandse musea rijk zijn. Dat kan in alle rust en op veilige afstand van andere bezoekers. Iedereen kan met een rustig gevoel door het museum slenteren. MuseumTV ervaart hoe goed musea zijn voorbereid op de coronamaatregelen.

Het ervaren van een museumbezoek ten tijden van corona brengt mij naar Het Scheepvaartmuseum. Hoewel ik om mij heen her en der mensen huiverig hoor zijn over het bezoeken van openbare plekken, hoor ik hun angst aan met een grijns. Ik weet dat er geen periode zo fijn is voor een museumbezoek als tijdens deze coronaperiode. Wat sommigen niet lijken te beseffen is dat musea een maximum aantal bezoekers toelaten per dag, zodat te allen tijde anderhalve meter afstand wordt gehouden van elkaar. Daar bovenop zijn diverse hygiënemaatregelen genomen. Ik besluit mijn middag door te brengen in het museum, wetende dat mij niets zal overkomen.

Slechts 30 bezoekers per uur mogen naar binnen in Het Scheepvaartmuseum. Dit is fors minder dan de maximale capaciteit die het museum momenteel aankan zonder de anderhalve metermaatregel in gevaar te brengen. De eerste twee weken van de heropening gebruikt Het Scheepvaartmuseum als testfase waarin ze analyseren hoeveel bezoekers ze kunnen toelaten zonder dat er knelpunten ontstaan. Op geen enkele plek heb ik mij zo veilig gevoeld.

Het verhaal van de walvis

Vanuit een fascinatie voor walvissen begin ik mijn bezoek in de westvleugel van het gebouw, bij de tentoonstelling Het verhaal van de walvis. Tijdens mijn wandeling door de tentoonstelling kom ik enkele jonge ouders tegen met kleine kinderen. Het verhaal van de walvis blijkt bedoelt voor die kleine kinderen. Betreft mijn leeftijd blijk ik hier niet op de juiste plek, toch voel ik mij hier bijzonder op mijn gemak. Want hoewel de informatieoverdracht focust op kinderen, steek ook ik het één en ander van de tentoonstelling op.

De tentoonstelling is erop gericht om te doen. Schermen aanraken, schermen draaien en kruipen door het binnenste van een grote, nagemaakte walvis. Het laatstgenoemde laat ik achterwegen, maar aanraken doe ik wat graag. Ik druk op elke toets van elk interactief scherm dat ik vind, zonder besmettingsgevaar. Aan de balie van het museum, alvorens je als bezoeker de tentoonstellingen binnenwandelt, krijg je een ‘touch pen’ waarmee je interactieve elementen kan bespelen – dat is een pen met klein rubber kopje waarmee je op een scherm kan klikken. Het museum is voorbereid op de raakgrage handen van bezoekers. Corona heeft hier geen kans, besef ik mij eens te meer.

foto’s: Twycer

Gelukkig alleen

In alle rust slenter ik door de drie vleugels van het prachtige gebouw in Amsterdam. Het is een donderdagmiddag, de meeste mensen zijn aan het werk en degenen die niet hoeven te werken lijken de weg naar het museum nog niet op te zoeken. Momenten van eenzaamheid overmeesteren mij wanneer ik zielsalleen door diverse tentoonstellingsruimten loop. Ik verman mij en besef me dat dit een unieke museumervaring is. Aan de hand van pijlen op de vloer wordt mij duidelijk hoe ik moet lopen. Door het gebruik van eenrichtingsverkeer hoef ik mij niet langs het handjevol bezoekers te manoeuvreren die deze dag ook aanwezig is. Op gepaste afstand van elkaar wordt gelezen, gekeken en ervaren.

“De bezoekers gedragen zich geweldig”, concludeert het hoofd van bedrijfsvoering Christian Taal. De eerste twee weken van de heropening gebruikt het museumbestuur om het bezoekersprotocol te perfectioneren. Momenteel laat het museum maximaal 200 bezoekers per dag toe. Ver onder het toegestane maximum. Als na deze testfase blijkt waar de knelpunten zitten en deze verbeterd worden, verhoogt het museum het bezoekersaantal pas. “We willen veiligheid zonder plichtmatigheid uitstralen”, benadrukt Taal. Het is een voornemen dat blijkt te zijn geslaagd.

storyworld

INTERVIEW – Een museum dat aandacht besteed aan de kunst van het verhalen vertellen. Een onderwerp waar tegenwoordig iedereen wel mee te maken krijgt. Van het plaatsen van je eigen Snapchat verhalen tot het uploaden van je eigen YouTube video’s. Maar is het vertellen van verhalen in deze tijd nog wel een kunstvorm of is het iets wat iedereen kan?

Zaterdag 11 januari werd het museum voor Nederlandse strips, animaties en games officieel geopend in Groningen. Storyworld, zoals het museum heet, neemt hiermee het stokje over van het Nederlandse Stripmuseum. Van de stripboeken van Asterix & Obelix tot de animatiefilm Aladdin en de videogame Horizon Zero Dawn. In Storyworld worden de geheimen van verschillende verhalenvertellers op het gebied van strips, animaties en games ontrafeld.

Een goed initiatief volgens de illustratrice Lois van Baarle, ook wel bekend als Loish, die haar werk in de eerste expositie van Storyworld, The Art of Loish, exposeert.

‘’De opening van Storyworld geeft wel het gevoel van erkenning,’’ legt Lois uit. ‘’Tekeningen die voor strips, animaties en games worden gemaakt, worden vaak gezien als iets commercieels. Daardoor wordt het door musea vaak als minder interessant gezien. Dus ik vind het super tof dat ze speciaal voor dit vak een klassiek museum hebben ontwikkeld!’’

De invloed van het internet

Dat er meer interesse ontstaat voor animaties, games en strips is goed te zien in het aantal bezoekers van Dutch Comic Con. Een jaarlijkse conventie waar verschillende gamefanaten, stripliefhebbers en fantasy-giganten bij elkaar komen. In 2019 had de conventie een record van maar liefst 40.000 bezoekers. Dat de interesse naar deze verhaal vertellende media stijgt, is niet zo raar ook. Uit het Nationale Social Media Onderzoek 2019 van Newcom Research blijkt dat er onder andere een enorme groei is in het aantal Instagram en Pinterest gebruikers. Twee social media varianten die erg visueel zijn ingesteld. Juist door deze snelle groei van social media en het internet wordt het, voor de gewone mens, steeds makkelijker en toegankelijker om hun eigen (visuele) verhalen te vertellen.

‘’Ik denk wel dat veel mensen tegenwoordig over de capaciteiten beschikken om verhalen te vertellen. En dat zie ik ook wel echt terug. Ik zie namelijk dat de gemiddelde illustrator of concept artist tegenwoordig op een bepaalde leeftijd al zoveel verder is dan de generaties die voorheen op die leeftijd waren. Online cursussen, YouTube tutorials, Facebook pagina’s: het is tegenwoordig zo veel makkelijker om te leren en bepaalde vaardigheden op te pikken.’’

Toch is het duidelijk overbrengen en vertellen van een specifiek verhaal niet zo makkelijk als we misschien denken. ‘’Bepaalde kleuren, iemand zijn houding of kleding: alles wat je ziet moet bijdragen aan het verhaal.’’ De illustratrice doet dit vooral in haar illustraties door middel van verschillende vrouwelijke personages. ‘’De laatste tien jaar zie ik een gigantische groei aan verhalen voor een vrouwelijk publiek. Waar karakters heel aantrekkelijk voor mannen moesten zijn, denk maar bijvoorbeeld aan Lara Croft, moeten ze nu meer als voorbeelden voor vrouwen dienen. Ze moeten eruit zien als iemand waar je vriendinnen mee zou willen zijn of waar je als vrouw naar kan opkijken.’’ Hiervoor gebruikt Lois haar bijdrage aan het karakterontwerp voor Aloy, de hoofdpersoon van de game Horizon Zero Dawn, als voorbeeld. Alleen al met een klein detail als de wenkbrauwen van Aloy probeert ze een bepaald verhaal over te brengen. ‘’Ik vroeg me af of zo’n personage wel tijd zou hebben om haar wenkbrauwen te epileren en dat ook echt bij te houden, terwijl ze juist moet vechten,’’ legt de illustratrice uit. ‘’Voor mij ziet ze er zo veel realistischer uit.’’

De zoektocht naar je eigen stem

Of iedereen ook over de capaciteiten beschikt om een verhaal duidelijk over te brengen, is nog maar de vraag. Al denkt Lois dat het vooral zit in het hebben van je eigen stem. ‘’Er zijn heel veel mensen die allemaal een verhaal vertellen op dezelfde manier. Deze mensen zijn erg makkelijk te vervangen. Wanneer je een eigen stem hebt en iets op je eigen manier kan vertellen, dan pas draag je iets bij.’’

Lois denkt dat haar stem vooral zit in de visuele stijl die ze door de jaren heen heeft ontwikkeld. ‘’Ik teken vooral voor mijn eigen rust en plezier. Wanneer ik teken kan ik dan ook echt genieten van het proces. Uiteindelijk wil ik dat mijn werk dat ook uitstraalt. Dat mensen hetzelfde fijne en rustige gevoel ervaren wanneer ze naar mijn werken kijken. En een idee krijgen van hoe ik de wereld zie.’’

The Art of Loish was t/m 5 april 2020 te bewonderen in hét Nederlandse museum voor strips, animaties en games: Storyworld in Groningen.

Born in Zundert, the Netherlands on March 30th, 1853, Vincent van Gogh is worldly famous not only for his art, but for cutting his ear off too. In his short 37 years of life, he created about 2.100 works of art. Most of which have been made during the last two years of his life.

How Vincent van Gogh became an artist

Van Gogh was born into an upper-middle-class family. He began working as an art dealer, often traveling. After becoming depressed he turned to religion, and spent time as a Protestant missionary in southern Belgium. He took up painting in 1881. In 1886, he travelled to Paris and visited the eighth Impressionist exhibition. He hoped to use his painting The Potato Eaters to make his reputation. Van Gogh realized that, though his work was original, it was out of step with modern trends. He stuck to a limited colour palette of browns and blue-greens with his painting of The Potato Eaters. With the way he painted the dim lamplight and their distorted faces, Van Gogh tried to convey that poverty and hard physical labour stunt the human mind. He wrote to his brother that with this painting he wanted to show that ‘those people, eating their potatoes in the lamplight, have dug the earth with those very hands they put in the dish, and so it speaks of manual labour, and how they have honestly earned their food.’

Later painting styles development

About a year later, Van Gogh adopted the Pointillist method of the Neo-Impressionists. His painting Interior of a Restaurant, painted during the spring of 1887, shows this perfectly. With this piece Van Gogh completely stepped away from the dark Potato Eaters. Van Gogh continued to develop his work, as can be seen in his piece The Italian Woman. Painted about six months after Interior of a Restaurant, for this work he used short, straight strokes that suggest volume and texture. The way he painted the Italian woman’s face could possibly be inspired by his renewed enthusiasm for Japanese prints.

After having a series of seizures led him to commit himself to an asylum in France, Van Gogh’s painting took a darker turn. It was in this asylum that he painted the famous Starry Night. The painting contains several images that Van Gogh associated with death. The dark cypress tree on the foreground typically surrounded graveyards in southern France. As for the stars, the painter once wrote his brother saying that he thinks the stars are the final destination of man after death.

Mental health issues

Van Gogh suffered from psychotic episodes and delusions, though he worried about it, he usually chose to neglect his physical health. He severed part of his left ear after he got in a fight with fellow artist Paul Gaugin, which involved a razor. According to most sources and (history)books, on July 27th, 1890 Van Gogh shot himself in the chest with a gun. Two days later, he died from his injuries. However, in a biography on Van Gogh’s life in 2011, the authors formed a hypothesis in which the artist was accidentally killed by a few boys playing cowboy with a malfunctioning gun. They questioned how Van Gogh could have had access to a revolver, as well as how he could walk a mile from the wheat field to the asylum with a fatal stomach wound.

The museums to find Vincent van Gogh in

In Amsterdam, on the Paulus Potterstraat 7, you can visit the Van Gogh Museum. This museum is solely dedicated to the works of Vincent van Gogh. It holds the largest collection of the artist’s paintings and drawings in the world. The museum holds worldly famous pieces such as Sunflowers, The Potato Eaters, The Yellow House, and Almond Blossoms.
Discover Vincent van Gogh’s eventful life, read stories about important aspect of his life and work, and admire his many self-portraits. Aside from the impressive and wonderful collection of artworks by Van Gogh himself, the museum offers a fine collection by his friends, such as Paul Gauguin and Émile Bernard.

The Van Gogh Museum is not the only museum with an exquisite collection. The second largest collection of Van Gogh art can be found in the Kröller-Müller Museum. This museum is located in the National Park De Hoge Veluwe. In this museum, you can not only view Van Gogh’s work. You can also see the works of modern masters, such as Claude Monet, Pablo Picasso, and Piet Mondriaan. What makes this museum stand out, is its sculpture garden. With over 160 sculptures by artists like Jean Dubuffet and Pierre Huyghe, the Kröller-Müller Museum has one of the biggest sculpture gardens

The Dutch Golden Age: a little bit of one of the most famous parts of the Dutch history

The Dutch Golden Age is one of the Netherlands’ most famous time periods. It roughly spans the 17th century. During this time Dutch trade, science, military, and art were among the most acclaimed in the world. In 1568, the Seven Provinces, which roughly formed what we now know as the Netherlands, started a rebellion against Phillip II of Spain, this led to the Eighty Years’ War. During that war, the war between England and Spain broke out. This forced the Spanish troops to retreat from most cities in the Low Countries. They were left to be in control of the important trading cities Bruges and Ghent. However, they no longer had control over Antwerp, which was then one of the most important ports in the world. After Antwerp fell, the division between the Northern and Southern Netherlands was established.
Dutch painters separated themselves from other painters in the world. In other countries, paintings were mostly made in request by or bought by rich aristocrats, during the Golden Age most paintings were bought by wealthy Dutch merchants. This influenced the subjects that were painted and the style they were painted in. Another difference is that the majority of the artworks were not made on commission. Popular genres were history painting, portraits, scenes of everyday life, landscapes, and still life paintings.

The leading museums in art expositions from the Dutch Golden Age

Many museums in the Netherlands have permanent, as well as temporary exhibitions on art work from the Golden Age. Especially the Rijksmuseum holds many pieces from that time. The worldly famous The Night Watch by Rembrandt van Rijn, amongst many other of works can be seen in this museum. Other famous painters whose work can be found in the Rijksmuseum include Johannes Vermeer, Jacob van Ruisdael, Frans Hals, and Jan Steen. The museum holds a collection of more than 2.000 paintings from the Golden Age.

Currently the museum Hermitage Amsterdam has an exhibition on the Golden Age called Portrait Gallery of the Golden Age. The exhibition consists of 30 massive group portraits from the collections of the Amsterdam Museum and the Rijksmuseum. The paintings are being seen as ‘the brothers and sisters of The Night Watch’. These unique pieces have been rarely put on show due to their size. Discover who the rich merchants of the Golden Age were now at the Hermitage Amsterdam.

Jongeren die Snapguide gebruiken in Rijksmuseum MuseumTV Amsterdam

In de RTL Late Night uitzending van woensdag 5 april, sprak Taco Dibbits, directeur van het Rijksmuseum, vol enthousiasme over hun nieuwe innovatieve Web-app die diezelfde dag nog werd gereleased: de “SnapGuide”.

Gepassioneerd legde Dibbits uit dat mensen, en vooral jongeren, hedendaags alles door hun telefoon zien en beleven – als een soort verlengsel, noemde hij het. Het Rijks zag dit en herkende de behoefte om hierop in te spelen, waarna zij de opdracht gaven aan MAAK om hier een creatieve oplossing op te vinden. Het resultaat hiervan was de “Snapguide”.

Het werkt zo: leerlingen openen de app op hun smartphone wanneer ze in het museum zijn via de browser en kiezen zelf welke Guide ze willen volgen door het museum. De keuze bestaat uit de YouTubers Mertabi, Defano Holwijn, Jiami Jongejan; zangers Ronnie Flex en Teske de Scheper en Valentijn Rambonnnet (educator bij het Rijksmuseum). Elke Guide behandeld verschillende werken en verschillende thema’s, die passen bij hun eigen interesses en imago’s. Zo behandeld Mertabi bijvoorbeeld als zijn meest bekende typetje “Mo” het thema macht en rijkdom in de Gouden Eeuw, Jiami Jongejan kijkt naar fashion en lifestyle in de Gouden eeuw, Ronnie flex gaat op zoek naar zijn Surinaamse en Molukse familiegeschiedenis en Valentijn Rambonnet geeft een spoedcursus Rembrandt. De Guides geven een rondleiding waarna de leerlingen worden uitgedaagd zelf “Snaps” en “Challenges” te doen, wat een interactief leerproces stimuleert.

Het doel is dat de Guides de jongeren kunnen bereiken door “hun taal te spreken” (aldus Dibbits). Het zou het museumbezoek leuker moeten maken zodat ze wellicht nog een keer terug komen of vrienden een bezoek aan het Rijksmuseum aanraden. Want, zoals Dibbits uitlegde,  vinden de 60.000 middelbare scholieren die per jaar naar het museum komen, de schriftelijke opdrachten die ze moeten maken (en wellicht ook het bezoek zelf) vaak saai. Door deze extreem “21 eeuwse” lesmethode in te zetten, kan de gewenste doelgroep hopelijk de 17e eeuwse beeldcultuur gemakkelijker [leren] waarderen op de manier die past bij hen hedendaagse beeldcultuur, waardoor het Rijksmuseum hopelijk hun doel kan bereiken dat elk kind in Nederland in ieder geval één keer de Nachtwacht ziet.

Meisje voor schilderij AAMU Aboriginal Art Museum utrecht museum museumtv

 

We zijn een crowdfundingactie gestart omdat wij een interessant project willen uitbreiden. Het team van MuseumTV vindt het belangrijk dat niet alleen de grote musea in de Randstad in beeld gebracht worden, maar dat er ook aandacht is voor kleinere regionale musea: de zogenaamde Pareltjes. Dit is een uitgelezen kans om jonge ambitieuze filmmakers de mogelijkheid te bieden om ervaring op te doen. Voor 5000 euro kunnen wij tien musea in de spotlight zetten met een promo, mini-documentaire en een artbite. Deze filmpjes kunnen een leuk voorproefje zijn op een daadwerkelijk bezoek maar ook een vorm van nagenieten. MuseumTV is een inclusief platform en wij willen daarom de drempel van een museumbezoek verlagen en een zo breed mogelijk publiek aantrekken. We willen de diversiteit van het Nederlands cultuurlandschap in beeld brengen. Bovendien staan kleinere musea vaak dichter bij de mensen dan de grote musea.

Daarnaast hebben deze kleinere musea het vaak financieel zwaar als gevolg van jarenlange bezuinigingen. Denk aan het bijzondere Aboriginal Art Museum in Utrecht (AAMU) dat wij op de valreep nog hebben kunnen vastleggen – het museum zal helaas definitief de deuren moeten sluiten op 15 juni 2017. Musea hebben een maatschappelijke en socio-culturele waarde die zeker niet alleen in cijfers uit te drukken is. Musea brengen ons in contact met unieke, boeiende en waardevolle culturele collecties. Wij kunnen uw hulp daarom goed gebruiken! Bekijk nu ons crowdfundingfilmpje op Voordekunst en lees meer over ons project en de tegenprestaties!

 

voordekunst, crowdfunding, MuseumTV

 

P.S. Bent u ook benieuwd naar het team achter MuseumTV? Het crowdfundingfilmpje biedt u een mooie kans om ons te leren kennen!

 

Cobra Museum, MuseumTV

 

MuseumTV, Crowdfundingactie, Houthavens Amsterdam, Museum, Voordekunst

MuseumTV, Van Abbe Museum

De Museumrobot van het Van Abbe Museum

 

MuseumTV staat voor het bereikbaar maken van musea voor iedereen. Ook de musea zelf willen meegaan met hun tijd en proberen een zo breed publiek te bereiken: middels hippe apps, hoogwaardige techniek en interactieve publieksprogramma’s. Maar ook inhoudelijk worden er belangrijke vernieuwingen doorgevoerd. Het Van Abbe Museum, een museum in moderne en eigentijdse kunst in Eindhoven, loopt in beide gevallen voorop. Maar hoe gaat dat precies in zijn werk? En hoe zorg je dat je niet alleen een beperkte groep mensen aantrekt? Wij van MuseumTV besloten Loes Janssen, verantwoordelijk voor ‘public mediation’ in het Van Abbe museum, hier over te interviewen.

Niet iedereen heeft fysiek toegang tot een museum, omdat ze bijvoorbeeld minder mobiel zijn, in een ziekenhuis liggen of in een ander land wonen. Het Van Abbe Museum heeft daar creatieve oplossingen voor bedacht onder het ‘Special Guests Program’. Denk bijvoorbeeld aan een Museumrobot die je op afstand kunt besturen en aan een speciale mobiele app. Ook zijn ze bezig met het ontwikkelen van een prikkelarm bezoek voor mensen die niet te veel visuele prikkels kunnen verdragen. Verder organiseert het museum speciale rondleidingen voor mensen met afasie (een taalstoornis als gevolg van bijvoorbeeld een herseninfarct) en mensen met Alzheimer, waarbij vooral het lange termijn geheugen wordt aangesproken.

 

MuseumTV, Van Abbe Museum

 

Het Van Abbe Museum speelt ook in op keuze en interactiviteit: in het Van Abbe Museum krijgen mensen bijvoorbeeld de kans om zelf een tentoonstelling samen te stellen! Scholieren mogen een videoclip maken bij een schilderij of een schilderij zoeken bij een zelfgekozen nieuwsbericht uit de krant. Ook wordt er bewust gekeken naar bepaalde vooronderstellingen en criteria die bezoekers meenemen naar het museum.

Een van de pijlers van het Van Abbe Museum is verder het project ‘Queering the collection’, dat in tegenstelling tot wat veel mensen vermoeden niet alleen het opnemen van de LHBT gemeenschap is, maar veel breder getrokken mag worden. Queer in de meer letterlijke zin: anders, tegendraads. Op deze manier wordt een brede groep betrokken bij het museum.

 

MuseumTV, Van Abbe Museum

 

# Loes Janssen, wat is volgens jou het primaire doel van een museum? “Onze directeur, Charles Esche, spreekt vaak over: ‘Imagine the world otherwise’ (‘probeer de wereld eens anders voor te stellen’). Een museum prikkelt je verbeeldingskracht, geeft je nieuwe perspectieven en inzichten om zo andere mogelijkheden te zien. Dit gebeurt niet door alleen naar kunst te kijken, maar ook door actief met elkaar in gesprek te gaan. Met kunst als katalysator kan een bijzonder gesprek op gang komen waar we veel (van elkaar) kunnen leren en voorbij onze eigen inzichten kijken. Meer verbeelding, meer mogelijkheden en wellicht meer empathie.”

# Hoe komen dit soort projecten tot stand? Kijken jullie naar marktonderzoek en wetenschappelijk publicaties of hebben jullie direct contact met de beoogde doelgroep?Een van onze collega’s, Daniel Neugebauer [van de afdeling marketing], kwam bij ons werken en had veel ervaring opgedaan met senioren projecten in Kunsthalle Bielefeld. Dit viel samen met een verzoek vanuit het Stedelijk in Amsterdam om onze schouders te zetten onder de zogenaamde ‘Onvergetelijk’ projecten. Een project voor mensen met Alzheimer en hun mantelzorgers. Het werken met en voor een bijzondere doelgroep smaakte naar meer, waardoor we de kans schoon zagen om via de BankGiroLoterij geld aan te vragen voor ons Special Guest programma. We waren super blij dat we honorering kregen voor ons voorstel en toen gingen we aan de slag, sámen met de beoogde doelgroep. Zij wezen ons er op dat we vanuit ons perspectief een aantal aannames gedaan hadden die niet klopten, zo werd maar weer eens helder dat je niet voor iemand moet spreken, maar ze zelf aan het woord moet laten.

# Werk je hiervoor samen met andere afdelingen? “Bij het ‘doorvoeren’ van de Special Guest projecten in het museum staat samenwerking van de diverse afdelingen voorop: de mensen bij de kassa en gastheren en vrouwen moeten goed op de hoogte zijn van diverse behoeften (zij leren ook basis gebarentaal), curatoren moeten rekening houden met de toegankelijkheid van de tentoonstellingen, de website dient aangepast te worden, en ga zo maar door. Een toegankelijk museum wordt een inclusief museum, waarin iedereen welkom is met zijn eigen verhaal.”

 

Loes Janssen, Van Abbe Museum, MuseumTV

                                                      Loes Janssen van het Van Abbe Museum

 

# Welke (buitenlandse) musea inspireren je op dit vlak en waarom? Werken jullie samen met andere musea? “We werken intensief samen met Stedelijk Museum in Amsterdam wat betreft het ‘Onvergetelijk project’ en het uitrollen hiervan. Daarnaast zijn we aan het kijken of dit ook mogelijk is op een breder vlak voor het gehele Special Guest project. Daarnaast maken we onderdeel uit van het l’Internationale Netwerk. In dit netwerk werken we samen met diverse Europese musea waarbij we kennis, kunde en collecties onderling uitwisselen.”

# Wat doen jullie om een zo breed mogelijk publiek te trekken? Waarom is het volgens jou belangrijk om meer samen te werken met het publiek in plaats van een top-down benadering? “Mijn collega Christiane Berndes, de conservator van de collectie, zei in 2015: ‘We weten dat het verhaal dat vertelt wordt door een museum per definitie incompleet is. We nodigen mensen uit om hun verhalen hier aan toe te voegen. Op deze manier wordt onze collectie verrijkt door verschillende perspectieven.’

# Wat kunnen musea leren van een ‘disneyfied’ museum als het Spoorwegmuseum in Utrecht, zonder hun eigen identiteit te verliezen? “Denken in verhalen in plaats van objecten.”

# Waar zie je nog groei- en innovatiemogelijkheden? “Volgens mij zitten er grote groeimogelijkheden in het opbouwen van een dynamisch netwerk dat op een gegeven moment het museum ziet als een thuishaven en deze gebruikt om hun eigen ideeën en onze verhalen verrijken. Waar zij zelf naar toe komen met hun eigen netwerk en zelf activiteiten organiseren.”

# En wat zou jouw droomproject zijn als budget geen issue zou zijn? “Een daadwerkelijk inclusief en holistisch museum, waar we allemaal genoeg tijd en middelen hebben om projecten goed met elkaar te verbinden en meer gebruik te maken van de mogelijkheden. Wij hebben nog genoeg ‘goud’ op de planken liggen dat we aan kunnen boren, mits we genoeg handjes en voetjes zouden hebben.”

 

MuseumTV, Van Abbe Museum

 

Steven ten Thije, conservator in het Van Abbe Museum schreef in dit kader het essay Het geëmancipeerde museum in opdracht van het Mondriaan Fonds. Hij stelt dat we moeten leren van de bezuinigingen van Halbe Zijlstra en de opkomst van Trump, Le Pen en Wilders. In het NRC artikel ‘Musea moeten richten op niet-blank, niet hoogopgeleid publiek’ van 7 december 2016 merkte hij het volgende op:

“In hun streven om de bezoekersinkomsten verder te verhogen, proberen musea dezelfde witte, hoogopgeleide bezoekers te verleiden om nog een keer te komen. Niet de mensen die nooit naar het musea komen. Zo ontstaat een onoverbrugbare kloof tussen de PVV-stemmer en de museumbezoeker. (…) Kritische kunst wordt nog maar alleen bekeken door een progressieve blanke bovenlaag.”

Het Van Abbe Museum heeft hier prioriteit aan gegeven en bijvoorbeeld projecten ontwikkeld in een achterstandswijk in Eindhoven om verbinding te vinden met zowel PVV stemmers als mensen met een migratieachtergrond. Ook de organisatie van de musea zelf zou een betere weerspiegeling moeten gaan vormen van de maatschappij. Er valt landelijk nog veel te winnen, maar er worden grote stappen gezet om het bezoeken van een museum een ervaring voor iedereen te maken.

banksy, museumtv

Foto: The Walled Off Hotel

 

De beroemde anonieme Britse street art artiest Banksy heeft een hotel geopend in Bethlehem, naast de scheidingsmuur op de Westelijke Jordaanoever in Palestina. Het weinig inspirerende uitzicht was dan ook raadgevend voor de humoristische naam: The Walled Off Hotel. Het hotel wordt zelfs actief gepresenteerd als het hotel met ‘het slechtste uitzicht ter wereld’, met maar 25 minuten zonlicht per dag! Banksy voegde daar zelf nog aan toe: “muren zijn ‘hot’ op dit dit moment, maar ik vond ze al interessant voordat Trump ze cool maakte”.

 

Banksy, MuseumTV

Foto: The Walled Off Hotel

De street artist heeft het hotel zelf voorzien van zijn kenmerkende artistieke handtekening. Denk aan een geketende chimpansee als ‘portier’, een schilderij van Jezus met een rode scherpschutterstip op zijn voorhoofd, een klassieke ‘Romeinse’ buste met een rookbom en een soldaat en een protesteerder die samen een kussengevecht houden. Gasten worden ook aangemoedigd om zelf hun creativiteit te uiten op de muur buiten. Het geheel staat in mooi contrast met het typisch Britse thee-uurtje dat iedere dag plaatsvindt met scones en thee in delicaat porselein.

Er zijn een paar luxe suites aanwezig maar de kamers zijn voor het grootste deel sober ingericht met originele stapelbedden uit Israëlische militaire barakken. Een nacht doorbrengen in het hotel kan dan ook al voor ongeveer €30 per nacht. Bovendien bevat het hotel ook een museum en kunstgalerie waarin onder andere de geschiedenis van de muur verteld wordt. Banksy werd hierin bijgestaan door de Britse kunsthistoricus dr. Gavin Grindon van de universiteit van Essex die het materiaal bijna volledig gefactchecked heeft. Banksy heeft verder beloofd dat beroemde artiesten als Elton John en Fatboy Slim binnenkort zullen optreden in het hotel. Geïnteresseerd? U kunt hier een nacht boeken in het hotel!

 

Banksy, MuseumTV

Foto: The Walled Off Hotel

 

Banksy, MuseumTV, hotel, slechtste uitzicht

Foto: The Walled Off Hotel

MuseumTV, McDonalds Museum, Via Appia

Foto: Mauro Consilvio

 

Historisch erfgoed en een McDonald’s in één, het lijkt haast te gek voor woorden maar toch is het sinds eind februari mogelijk in Italië. Toen McDonald’s in 2014 een nieuw filiaal wilde bouwen, net buiten Rome in Frattocchie, ontdekte het bedrijf de overblijfselen van een oude Romeinse weg en drie menselijke skeletten uit dezelfde periode. McDonald’s Italië besloot om een driejarige restauratie van 300.000 euro in gang te zetten na deze archeologische vondst om de basalten weg in ere te herstellen. Deze inspanningen hebben nu het eerste McDonald’s restaurant/museum opgeleverd. Bezoekers kunnen nu daarom onder het genot van een Big Mac het eeuwenoude Italiaanse erfgoed bewonderen. Ze kunnen de Romeinse weg, die ruim 45 meter lang en 2 meter breed is, letterlijk betreden of bekijken door een glazen vloer in het restaurant. Mario Federico, directeur van McDonald’s Italië, was erg enthousiast over het project. “We zijn in de gelegenheid geweest om een stuk Romeinse weg terug te geven aan de lokale gemeenschap en aan Italië. Het project is een goed voorbeeld van hoe de publieke en private sector effectief kunnen samenwerken om cultureel erfgoed terug te winnen.”

De Via Appia, waar de weg een onderdeel van is, werd gebouwd vanaf 312 v.Chr. naar orders van de Romeinse politicus Appius Claudius Caecus. De weg, die ook wel de regina viarum – koningin der wegen – genoemd werd, liep van Rome naar Capua en later zelfs tot Brundisium in de hak van de Italiaanse laars. De Via Appia was een belangrijke manier om militaire troepen te verplaatsen maar speelde ook een grote rol voor de handel. De weg werd onder andere genoemd in het reisverhaal De Vijfde Satire van de Romeinse dichter Horatius.

Alfonsina Russo, de lokale archeologische hoofdopzichter voor het Ministerie van Cultuur, vertelde de Amerikaanse krant New York Times over het project. Het komt vaker voor dat Italiaanse bouwprojecten stuiten op oude ruïnes, maar vaak worden deze vondsten opnieuw begraven, want “het is beter om ze te beschermen dan om ze bloot te stellen, wanneer het op dat moment niet mogelijk is om de juiste zorg voor het erfgoed te dragen. (…) We hebben samen met McDonald’s besloten om deze belangrijke plek te beschermen en in ere te herstellen, om te voorkomen dat deze in vergetelheid zou raken.”

Het is geruststellend om te zien dat een archeologische vindplaats in Italië deze aandacht krijgt, zeker gezien het feit dat er wereldwijd alarmbellen af gingen toen er een paar jaar geleden diverse instortingen plaatsvonden in Pompeii, als gevolg van langdurige verwaarlozing door de Italiaanse overheid. Met hulp van de EU is er toen een noodrestauratie ingezet.

Het is overigens niet het enige McDonald’s restaurant in Italië waar bijzonder erfgoed te zien is: in het restaurant op Roma Termini, het grootste treinstation van Rome, is een deel van de muur van Servius Tullius te zien uit de vierde eeuw v.Chr.

 

MuseumTV, McDonalds Museum, Via Appia

Foto: Oppertoezicht voor Archeologie, Schone Kunsten en Landschap Italië.

family, dog, museumtv

Illustratie Family Dog: Guusje Slagter

 

Hoe bereik je als museum mensen die in principe niet naar musea gaan? Wij vroegen het 28 vierdejaars studenten ‘Commerciële Economie en Communicatie’ en studenten ‘International Event, Music & Entertainment Studies’ van de Fontys Academy for Creative Industries (Fontys ACI) en zij kwamen met interessante concepten! (lees hier het officiële persbericht).

Het Sociaal Cultureel Planbureau definieerde onlangs een interessante doelgroep voor musea: de ‘geïnteresseerde niet-bezoeker’, die volgens het SCP drie keer zo groot is als de groep die daadwerkelijk musea bezoekt. Daaronder vallen ook mensen die bijvoorbeeld minder mobiel zijn. MuseumTV’s on-demand platform biedt dan een goede oplossing, maar wat kunnen musea nog meer doen om deze geïnteresseerde niet-bezoeker hun museum in te krijgen en welke rol kan MuseumTV hierin spelen?

Fontys ACI docente Ivanca Linders merkt op dat musea “zich steeds meer [realiseren] dat de museumbeleving niet alleen binnen de vier muren van hun instituut plaatsvindt. MuseumTV speelt daar als video platform nu al op een innovatieve manier op in. Voor Fontys ACI is het waardevol om te werken met vooroplopers in de industrie.”

De studenten aan Fontys ACI hebben de case in opdracht van MuseumTV bestudeerd als onderdeel van het Engelstalige vak ‘Museum as a tool for Meaningful Experiences’. Want hoe ontwikkel en vermarkt je zulke ‘museum experience’ concepten? Na uitgebreid onderzoek en het daadwerkelijk bezoeken van musea kwamen zij onder andere met de volgende concepten.

 

Fontys, ACI, MuseumTV

 

Guusje Slagter vertelt over haar groepsproject ‘Family Dog’: “Bij ons stond de familie centraal als doelgroep. Daarom hebben wij een concept ontwikkeld waarin een digitale familiehond in een interactieve app het museumbezoek in drie fases met informatie en leuke gezamenlijke acties verrijkt. Zo wordt het museumbezoek als positieve belevenis ervaren.”

Het concept ‘Social Season Tea’ richt zich met name op de grote groep ouderen (65+) die nog wel mobiel is, maar ook vaak vereenzaamd en sociaal teruggetrokken leeft. Binnen dit concept is er vooral aandacht voor online content en het organiseren van ontmoetingsmomenten daar om heen. Het zorgt er niet alleen voor dat deze eenzaamheid wordt tegengegaan, er wordt bovendien gewerkt aan de digitale know-how van deze groep.

Ook andere groepen kwamen met interessante ideeen, van een Cultureel Erfboek en KinderMuseumTV tot Opa Piets Museumkanaal en de digitale dino Mike die kinderen door musea begeleidt.

 

Het is de missie van MuseumTV om een zo breed mogelijk publiek in aanraking te brengen met kunst en cultuur. Dit doen wij op ons gezamenlijke video on demand-platform voor de Nederlandse musea. Via onze partners brengen wij het platform actief onder de aandacht van het Nederlandse publiek.

expand_less

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief

ontvang het laatste nieuws, tips en aanbiedingen
van MuseumTV.nl
Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden en het privacy beleid.