Sinds 1 juni zijn de musea weer open en mogen we ons weer te goed doen aan alle mooie en leerzame collecties en tentoonstellingen die de Nederlandse musea rijk zijn. Dat kan in alle rust en op veilige afstand van andere bezoekers. Iedereen kan met een rustig gevoel door het museum slenteren. MuseumTV ervaart hoe goed musea zijn voorbereid op de coronamaatregelen.

Het ervaren van een museumbezoek ten tijden van corona brengt mij naar Het Scheepvaartmuseum. Hoewel ik om mij heen her en der mensen huiverig hoor zijn over het bezoeken van openbare plekken, hoor ik hun angst aan met een grijns. Ik weet dat er geen periode zo fijn is voor een museumbezoek als tijdens deze coronaperiode. Wat sommigen niet lijken te beseffen is dat musea een maximum aantal bezoekers toelaten per dag, zodat te allen tijde anderhalve meter afstand wordt gehouden van elkaar. Daar bovenop zijn diverse hygiënemaatregelen genomen. Ik besluit mijn middag door te brengen in het museum, wetende dat mij niets zal overkomen.

Slechts 30 bezoekers per uur mogen naar binnen in Het Scheepvaartmuseum. Dit is fors minder dan de maximale capaciteit die het museum momenteel aankan zonder de anderhalve metermaatregel in gevaar te brengen. De eerste twee weken van de heropening gebruikt Het Scheepvaartmuseum als testfase waarin ze analyseren hoeveel bezoekers ze kunnen toelaten zonder dat er knelpunten ontstaan. Op geen enkele plek heb ik mij zo veilig gevoeld.

Het verhaal van de walvis

Vanuit een fascinatie voor walvissen begin ik mijn bezoek in de westvleugel van het gebouw, bij de tentoonstelling Het verhaal van de walvis. Tijdens mijn wandeling door de tentoonstelling kom ik enkele jonge ouders tegen met kleine kinderen. Het verhaal van de walvis blijkt bedoelt voor die kleine kinderen. Betreft mijn leeftijd blijk ik hier niet op de juiste plek, toch voel ik mij hier bijzonder op mijn gemak. Want hoewel de informatieoverdracht focust op kinderen, steek ook ik het één en ander van de tentoonstelling op.

De tentoonstelling is erop gericht om te doen. Schermen aanraken, schermen draaien en kruipen door het binnenste van een grote, nagemaakte walvis. Het laatstgenoemde laat ik achterwegen, maar aanraken doe ik wat graag. Ik druk op elke toets van elk interactief scherm dat ik vind, zonder besmettingsgevaar. Aan de balie van het museum, alvorens je als bezoeker de tentoonstellingen binnenwandelt, krijg je een ‘touch pen’ waarmee je interactieve elementen kan bespelen – dat is een pen met klein rubber kopje waarmee je op een scherm kan klikken. Het museum is voorbereid op de raakgrage handen van bezoekers. Corona heeft hier geen kans, besef ik mij eens te meer.

foto’s: Twycer

Gelukkig alleen

In alle rust slenter ik door de drie vleugels van het prachtige gebouw in Amsterdam. Het is een donderdagmiddag, de meeste mensen zijn aan het werk en degenen die niet hoeven te werken lijken de weg naar het museum nog niet op te zoeken. Momenten van eenzaamheid overmeesteren mij wanneer ik zielsalleen door diverse tentoonstellingsruimten loop. Ik verman mij en besef me dat dit een unieke museumervaring is. Aan de hand van pijlen op de vloer wordt mij duidelijk hoe ik moet lopen. Door het gebruik van eenrichtingsverkeer hoef ik mij niet langs het handjevol bezoekers te manoeuvreren die deze dag ook aanwezig is. Op gepaste afstand van elkaar wordt gelezen, gekeken en ervaren.

“De bezoekers gedragen zich geweldig”, concludeert het hoofd van bedrijfsvoering Christian Taal. De eerste twee weken van de heropening gebruikt het museumbestuur om het bezoekersprotocol te perfectioneren. Momenteel laat het museum maximaal 200 bezoekers per dag toe. Ver onder het toegestane maximum. Als na deze testfase blijkt waar de knelpunten zitten en deze verbeterd worden, verhoogt het museum het bezoekersaantal pas. “We willen veiligheid zonder plichtmatigheid uitstralen”, benadrukt Taal. Het is een voornemen dat blijkt te zijn geslaagd.

storyworld

INTERVIEW – Een museum dat aandacht besteed aan de kunst van het verhalen vertellen. Een onderwerp waar tegenwoordig iedereen wel mee te maken krijgt. Van het plaatsen van je eigen Snapchat verhalen tot het uploaden van je eigen YouTube video’s. Maar is het vertellen van verhalen in deze tijd nog wel een kunstvorm of is het iets wat iedereen kan?

Zaterdag 11 januari werd het museum voor Nederlandse strips, animaties en games officieel geopend in Groningen. Storyworld, zoals het museum heet, neemt hiermee het stokje over van het Nederlandse Stripmuseum. Van de stripboeken van Asterix & Obelix tot de animatiefilm Aladdin en de videogame Horizon Zero Dawn. In Storyworld worden de geheimen van verschillende verhalenvertellers op het gebied van strips, animaties en games ontrafeld.

Een goed initiatief volgens de illustratrice Lois van Baarle, ook wel bekend als Loish, die haar werk in de eerste expositie van Storyworld, The Art of Loish, exposeert.

‘’De opening van Storyworld geeft wel het gevoel van erkenning,’’ legt Lois uit. ‘’Tekeningen die voor strips, animaties en games worden gemaakt, worden vaak gezien als iets commercieels. Daardoor wordt het door musea vaak als minder interessant gezien. Dus ik vind het super tof dat ze speciaal voor dit vak een klassiek museum hebben ontwikkeld!’’

De invloed van het internet

Dat er meer interesse ontstaat voor animaties, games en strips is goed te zien in het aantal bezoekers van Dutch Comic Con. Een jaarlijkse conventie waar verschillende gamefanaten, stripliefhebbers en fantasy-giganten bij elkaar komen. In 2019 had de conventie een record van maar liefst 40.000 bezoekers. Dat de interesse naar deze verhaal vertellende media stijgt, is niet zo raar ook. Uit het Nationale Social Media Onderzoek 2019 van Newcom Research blijkt dat er onder andere een enorme groei is in het aantal Instagram en Pinterest gebruikers. Twee social media varianten die erg visueel zijn ingesteld. Juist door deze snelle groei van social media en het internet wordt het, voor de gewone mens, steeds makkelijker en toegankelijker om hun eigen (visuele) verhalen te vertellen.

‘’Ik denk wel dat veel mensen tegenwoordig over de capaciteiten beschikken om verhalen te vertellen. En dat zie ik ook wel echt terug. Ik zie namelijk dat de gemiddelde illustrator of concept artist tegenwoordig op een bepaalde leeftijd al zoveel verder is dan de generaties die voorheen op die leeftijd waren. Online cursussen, YouTube tutorials, Facebook pagina’s: het is tegenwoordig zo veel makkelijker om te leren en bepaalde vaardigheden op te pikken.’’

Toch is het duidelijk overbrengen en vertellen van een specifiek verhaal niet zo makkelijk als we misschien denken. ‘’Bepaalde kleuren, iemand zijn houding of kleding: alles wat je ziet moet bijdragen aan het verhaal.’’ De illustratrice doet dit vooral in haar illustraties door middel van verschillende vrouwelijke personages. ‘’De laatste tien jaar zie ik een gigantische groei aan verhalen voor een vrouwelijk publiek. Waar karakters heel aantrekkelijk voor mannen moesten zijn, denk maar bijvoorbeeld aan Lara Croft, moeten ze nu meer als voorbeelden voor vrouwen dienen. Ze moeten eruit zien als iemand waar je vriendinnen mee zou willen zijn of waar je als vrouw naar kan opkijken.’’ Hiervoor gebruikt Lois haar bijdrage aan het karakterontwerp voor Aloy, de hoofdpersoon van de game Horizon Zero Dawn, als voorbeeld. Alleen al met een klein detail als de wenkbrauwen van Aloy probeert ze een bepaald verhaal over te brengen. ‘’Ik vroeg me af of zo’n personage wel tijd zou hebben om haar wenkbrauwen te epileren en dat ook echt bij te houden, terwijl ze juist moet vechten,’’ legt de illustratrice uit. ‘’Voor mij ziet ze er zo veel realistischer uit.’’

De zoektocht naar je eigen stem

Of iedereen ook over de capaciteiten beschikt om een verhaal duidelijk over te brengen, is nog maar de vraag. Al denkt Lois dat het vooral zit in het hebben van je eigen stem. ‘’Er zijn heel veel mensen die allemaal een verhaal vertellen op dezelfde manier. Deze mensen zijn erg makkelijk te vervangen. Wanneer je een eigen stem hebt en iets op je eigen manier kan vertellen, dan pas draag je iets bij.’’

Lois denkt dat haar stem vooral zit in de visuele stijl die ze door de jaren heen heeft ontwikkeld. ‘’Ik teken vooral voor mijn eigen rust en plezier. Wanneer ik teken kan ik dan ook echt genieten van het proces. Uiteindelijk wil ik dat mijn werk dat ook uitstraalt. Dat mensen hetzelfde fijne en rustige gevoel ervaren wanneer ze naar mijn werken kijken. En een idee krijgen van hoe ik de wereld zie.’’

The Art of Loish was t/m 5 april 2020 te bewonderen in hét Nederlandse museum voor strips, animaties en games: Storyworld in Groningen.

20 juli 2018

Vandaag vieren we feest, want MuseumTV bestaat vandaag precies twee jaar! Marieke van der Donk richtte het online nonprofit videoplatform in 2016 op om kunst en cultuur voor iedereen (gratis) bereikbaar te maken. Dat betekent dat niet enkel de grote musea in beeld gebracht worden, maar dat kleine en grote musea in heel Nederland een podium krijgen. Op onze website en in onze app kan iedereen mini-documentaires kijken van ±5 minuten. Een perfecte manier om op een toegankelijke manier kennis te maken met kunst en cultuur!

 

We willen onze kijkers en partners bij deze hartelijk bedanken!

 

Onze projecten worden mede mogelijk gemaakt door het Mondriaan Fonds, het VSB fonds, het Prins Bernhard Cultuurfonds en de provincies Utrecht, Flevoland, Drenthe en Overijssel. 

Op dit moment is de tentoonstelling Robert Mapplethorpe, een perfectionist te zien in de Kunsthal Rotterdam. Maar wie was Robert Mappelthorpe eigenlijk? Wat maakt dat hij tot op de dag van vandaag gezien wordt als een van de meest beroemde, invloedrijke en toonaangevende fotografen?

 

De in 1946 geboren Amerikaanse fotograaf Robert Mapplethorpe heeft in zijn korte leven – hij werd 42 jaar – een indrukwekkend oeuvre opgebouwd van ruim twintigduizend foto’s. Mapplethorpe was vooral bekend van zijn portretten (vaak van andere beroemdheden zoals Patti Smith, Andy Warhol en Grace Jones), bloemenfoto’s van voornamelijk lelies en orchideeën en zijn homo-erotische foto’s.

 

Het is met name de laatste categorie waar de meeste mensen aan denken wanneer zij de naam ‘Mapplethorpe’ horen: de treffende zwart-wit foto’s met controversiële onderwerpen. De foto’s die mensen een beeld bood in de underground BDSM gay-scene in jaren 70 New York of in Mapplethorpe’s loft waar zijn persoonlijke avontuurtjes plaatsvonden.

 

Robert Mapplethorpe in Kunsthal, Rotterdam, kunsthal, museum, museumtv, kunsthal rotterdam

Robert Mapplethorpe – Joe, NYC (1978)

 

Zwart-wit foto’s vs. kleurenfoto’s

Praktisch heel Mapplethorpe’s oeuvre is in zwart-wit geschoten – op een paar bloemen foto’s na. Dit is met name interessant gezien de status van zwart-wit foto’s en het feit dat Mapplethorpe ook zijn controversiële en riskante onderwerpen uitsluitend in zwart-wit maakte. Destijds stonden kleurenfoto’s namelijk bekend als “goedkoop” en werden deze vanuit de kunstwereld meer gezien als iets voor de reclamewereld. Zwart-wit foto’s konden echter wel als kunst beschouwd worden – ook al stond fotografie als kunstvorm nog in de kinderschoenen. Door zijn seksueel getinte foto’s ook uitsluitend in zwart-wit te schieten, verhefte hij zijn controversiële beelden dus tot kunst. En dat in een tijd waar homoseksualiteit nog niet algemeen geaccepteerd werd.

 

Maatschappelijke relevantie 

Na Mapplethorpe’s dood veroorzaakten zijn foto’s een hoop tumult. De aidsepidemie wakkerde de homohaat stevig aan. Mapplethorpe’s werk werd ingezet bij de zogenaamde Culture Wars; de strijd tussen conservatieve, weinig tolerante krachten en de meer liberale elite die artistieke en democratische vrijheden hoog in het vaandel hadden. Kunstcriticus Edo Dijksterhuis stelt in Museumtijdschrift dat met het oog op de recente Amerikaanse verkiezing de kloof tussen links en rechts weer terug is. Gezien de maatschappelijke ontwikkelingen is het werk van Mapplethorpe dus relevanter dan ooit.

Jongeren die Snapguide gebruiken in Rijksmuseum MuseumTV Amsterdam

In de RTL Late Night uitzending van woensdag 5 april, sprak Taco Dibbits, directeur van het Rijksmuseum, vol enthousiasme over hun nieuwe innovatieve Web-app die diezelfde dag nog werd gereleased: de “SnapGuide”.

Gepassioneerd legde Dibbits uit dat mensen, en vooral jongeren, hedendaags alles door hun telefoon zien en beleven – als een soort verlengsel, noemde hij het. Het Rijks zag dit en herkende de behoefte om hierop in te spelen, waarna zij de opdracht gaven aan MAAK om hier een creatieve oplossing op te vinden. Het resultaat hiervan was de “Snapguide”.

Het werkt zo: leerlingen openen de app op hun smartphone wanneer ze in het museum zijn via de browser en kiezen zelf welke Guide ze willen volgen door het museum. De keuze bestaat uit de YouTubers Mertabi, Defano Holwijn, Jiami Jongejan; zangers Ronnie Flex en Teske de Scheper en Valentijn Rambonnnet (educator bij het Rijksmuseum). Elke Guide behandeld verschillende werken en verschillende thema’s, die passen bij hun eigen interesses en imago’s. Zo behandeld Mertabi bijvoorbeeld als zijn meest bekende typetje “Mo” het thema macht en rijkdom in de Gouden Eeuw, Jiami Jongejan kijkt naar fashion en lifestyle in de Gouden eeuw, Ronnie flex gaat op zoek naar zijn Surinaamse en Molukse familiegeschiedenis en Valentijn Rambonnet geeft een spoedcursus Rembrandt. De Guides geven een rondleiding waarna de leerlingen worden uitgedaagd zelf “Snaps” en “Challenges” te doen, wat een interactief leerproces stimuleert.

Het doel is dat de Guides de jongeren kunnen bereiken door “hun taal te spreken” (aldus Dibbits). Het zou het museumbezoek leuker moeten maken zodat ze wellicht nog een keer terug komen of vrienden een bezoek aan het Rijksmuseum aanraden. Want, zoals Dibbits uitlegde,  vinden de 60.000 middelbare scholieren die per jaar naar het museum komen, de schriftelijke opdrachten die ze moeten maken (en wellicht ook het bezoek zelf) vaak saai. Door deze extreem “21 eeuwse” lesmethode in te zetten, kan de gewenste doelgroep hopelijk de 17e eeuwse beeldcultuur gemakkelijker [leren] waarderen op de manier die past bij hen hedendaagse beeldcultuur, waardoor het Rijksmuseum hopelijk hun doel kan bereiken dat elk kind in Nederland in ieder geval één keer de Nachtwacht ziet.

Donald Trump, Kunst, Cultuur, Verkiezingen Nederland, MuseumTV

Foto: Gage Skidmore

 

Veel Amerikanen waren er al bang voor en nu lijkt het dan ook echt te gaan gebeuren: grootschalige bezuinigingen op kunst en cultuur. Toen president Donald Trump donderdagochtend zijn eerste federale begrotingsplan presenteerde stelde hij voor om de National Endowment for the Arts (NEA) (de nationale schenkingen ten behoeve van kunst) en de National Endowment for the Humanities (NEH) (de nationale schenkingen ten behoeve van de geesteswetenschappen) volledig af te schaffen. Ook wil Trump de Corporation for Public Broadcasting – het publieke omroepbestel – schrappen. Hieruit worden onder andere diverse radiozenders en de televisiezender PBS (die vaak BBC series uitzendt) gefinancierd.

Hoewel het in totaal om zo’n 300 miljoen dollar gaat (ruim 278 miljoen euro) is dat maar een klein percentage van de 1,1 biljoen dollar ($1.100.000.000.000) die de NEA en NEH fondsen jaarlijks samen tot hun beschikking hebben. Toch heeft een verschil van 300 miljoen dollar grote gevolgen voor de talloze kunstenaars, schrijvers en wetenschappers die (deels) afhankelijk zijn van dergelijke schenkingen. Bovendien geeft de president hiermee ook een belangrijk signaal: cultuur is voor hem niet belangrijk. Het is de eerste keer dat een Amerikaanse president heeft gepleit voor een volledige afschaffing van de nationale schenkingsfondsen sinds de oprichting door president Lyndon B. Johnson in 1965. Johnson stelde destijds dat iedere “ontwikkelde beschaving” kunst, de geesteswetenschappen en culturele activiteiten op waarde moet schatten. Toch besteedt Amerika aanmerkelijk minder aan kunst en cultuur dan veel andere rijke landen: minder dan 0,1 procent van de totale federale uitgaven.

Toch is de uitspraak van president Trump vooralsnog voornamelijk symbolisch; het is richtinggevend maar heeft nog geen directe consequenties aangezien het Amerikaanse Congres (de Senaat plus het Huis van Afgevaardigden) verantwoordelijk is voor het uiteindelijke federale begrotingsplan. Ook is er veel kritiek op andere elementen van het begrotingsplan. Toch is het een zorgelijke situatie aangezien de Republikeinen op dit moment zowel het Witte Huis beheersen als een meerderheid in het Congres. Een democratische meerderheid in het Congres was bijvoorbeeld een belangrijke reden voor het feit dat het president Reagan in de jaren ’80 niet lukte om strenge bezuinigingsmaatregelen door te voeren. Conservatieve Republikeinen pleiten al langer voor minder overheidsbemoeienis, ook op dit vlak. Toch is het – in tegenstelling tot wat sommige Amerikaanse politici beweren – eenvoudig niet waar dat de door de fondsen gefinancierde projecten alleen gericht zijn op de liberale Democratische elite. William D. Adams, voorzitter van de geesteswetenschappen afdeling van het NEH, noemde in dat kader onder andere theaterprojecten voor veteranen uit Irak en Afghanistan met PTSS. Het protest dat is ontstaan toen duidelijk werd dat Trump weleens dergelijke maatregelen zou kunnen gaan voorstellen is vanwege de Republikeinse meerderheid dan ook in belangrijke mate gericht op de Republikeinen die de beslissingen hierover zullen gaan nemen.

In Nederland vormen kunst en cultuur ook een lastig punt op de politieke agenda sinds het uitbreken van de economische crisis. De beruchte bezuinigingen à 200 miljoen euro uit de mouw van Halbe Zijlstra – die een “cultuuromslag in de cultuur” wilde inzetten in plaats van een “overheidsinfuus” voor kunst en cultuur – zorgden in 2011 voor grootschalige protestacties vanuit de culturele sector. Maar wat zeggen de verkiezingsprogramma’s nu, na zes jaar bezuinigen? De PVV (20 zetels) noemt het onderwerp in het beruchte 1 A4 tellende partijprogramma in een enkele zin: “Geen geld meer naar ontwikkelingshulp, windmolens, kunst, innovatie, omroep enz”. Maar dat is meteen de enige partij die zich hier zo uitgesproken over uitspreekt. Pas bij het doorrekenen van de programma’s wordt duidelijk dat de VVD (33 zetels) als grootste partij geen extra geld wil reserveren voor kunst en cultuur, met een sterk geloof in marktwerking waarbij subsidies zo ingezet moeten worden “dat met dezelfde hoeveelheid geld, meer cultuur tot stand kan komen”. Ook de SGP (3 zetels) kiest voor marktwerking terwijl de ChristenUnie (5 zetels) in eerste instantie 100 miljoen uit lijkt te willen trekken voor kunst en cultuur. Maar in de praktijk is dat een hele specifieke vorm van monumentenzorg: het onderhoud van Nederlandse kerken. Ook pleiten de rechtse partijen voor bezuinigingen op kunstonderwijs. D66 (19 zetels) en alle linkse partijen hechten in die zin meer waarde aan kunst en cultuur, hoewel alleen de PvdA (9 zetels) specifieke cijfers noemt (100 miljoen euro voor kunst en cultuur en 100 miljoen euro voor de publieke omroepen). De SP (14 zetels) en de Partij voor de Dieren (5 zetels) pleiten voor versterkende maatregelen, waaronder een vaste dag per week waarop rijksmusea gratis bezocht mogen worden. De SP zet in op een Nationaal Historisch Museum. GroenLinks (14 zetels) en D66 willen het bestaande subsidiestelsel flink onder handen nemen. D66 zet zich ook in voor o.a. digitalisering van cultureel erfgoed en het versterken van de inkomenspositie van kunstenaars.

Wat betreft de publieke omroepen zien we iets vergelijkbaars in de rechtse regionen. Na doorrekening van de verkiezingsprogramma’s bleek dat vooral rechtse partijen als VNL, de SGP, FvD en PVV sterk willen gaan bezuinigingen op het publieke omroepbestel, waarbij de SGP 500 miljoen wil schrappen en VNL (0 zetels) zelfs 700 miljoen. Partijen als de PVV en FvD (2 zetels) zijn kritisch, maar waren ook op dit punt weer weinig specifiek in termen van concrete cijfers. Thierry Baudet van FvD wil het publieke omroepbestel ‘saneren’ en stelt voor om na ieder programma de melding “dit programma heeft u €… belastinggeld gekost” te verplichten. Maar ook de VVD propageert een bezuiniging van 300 miljoen euro en wil de omroepen dwingen om vooral efficiënter te gaan werken.

Wat er precies zal gaan gebeuren zal afhangen van het kabinet dat gevormd zal moeten worden na de verkiezingen van deze week: een kabinet bestaande uit de VVD en het CDA, aangevuld met rechtse partijen of juist aangevuld met een van de grootste winnaars van de verkiezingen: GroenLinks?

 

MuseumTV, Trump, bezuinigingen, verkiezingen, rutte

Foto: Roel Wijnants

MuseumTV, museum, kunstnieuws, MoMa, Trump

Centraal hier staat het werk “The Prophet” door de Canadees-Iranese beeldhouwer Parviz Tanavoli
Beeld: Sam Hodgson voor The New York Times[1]

 

Het Museum of Modern Art in New York maakt een duidelijke statement tegen de nieuwe Amerikaanse president en zijn omtreden ‘Muslim Ban’. Een aantal belangrijke werken van onder andere Picasso, Matisse en Picabia zijn tijdelijk vervangen door het werk van kunstenaars uit de zeven voornamelijk Islamitische landen die geraakt zijn door dit recente besluit. De meest bekende van deze kunstenaars is de onlangs overleden Brits-Iraakse architecte Zaha Hadid, maar ook werken van de Iraanse video artist Tala Madani, de Iraanse fotografe Shirana Shahbazi en de Sudanese schilder Ibrahim el-Salahi zijn te bewonderen op de vijfde etage van het museum. Op deze etage staan normaliter werken uit het Westerse modernisme tot en met de jaren ’40 centraal. De vervangende werken komen overigens ook uit de permanente collectie van het museum. Naast ieder werk hangt de volgende mededeling:

“Dit werk is gemaakt door een kunstenaar uit een land wiens inwoners toegang geweigerd worden tot de Verenigde Staten, als gevolg van een presidentieel besluit dat is uitgegeven op 27 januari 2017. Dit is één van de kunstwerken uit de permanente MoMa collectie die zijn geplaatst op deze vijfde verdieping als bevestiging van de Amerikaanse idealen van vrijheid en een warm welkom; idealen die niet alleen essentieel zijn voor dit museum maar ook voor de Verenigde Staten.” [1]

De op handen zijnde Brexit heeft de Britse relatie met het Europese vasteland er niet makkelijker op gemaakt. De politiek heeft er al op gereageerd: het Europese Parlement beloofde strenge wetgeving en op 1 februari heeft ook het Britse Lagerhuis toestemming gegeven. Maar hoe reageert de kunstwereld hier op?

Museum TV, Victoria Albert Museum
Het Victoria and Albert Museum in London organiseert tussen 1 en 7 februari het Collecting Europe festival in samenwerking met het Goethe Institut London (gratis). Hierin wordt nagedacht over de toekomst van Europa. Het museum heeft twaalf kunstenaars en designers uitgenodigd om hun interpretatie te tonen van hoe Europa er over 2000 jaar volgens hen uit ziet, terwijl ze zich tegelijkertijd bezig houden met de vraag hoe Europa op dit moment in elkaar zit. Ook zullen er lezingen zijn die uitleg geven over wat een Brexit in praktische zin zal betekenen voor de Britse creatieve industrie.

Het is de missie van MuseumTV om een zo breed mogelijk publiek in aanraking te brengen met kunst en cultuur. Dit doen wij op ons gezamenlijke video on demand-platform voor de Nederlandse musea. Via onze partners brengen wij het platform actief onder de aandacht van het Nederlandse publiek.

expand_less

Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief

ontvang het laatste nieuws, tips en aanbiedingen
van MuseumTV.nl
Ik ga akkoord met de algemene voorwaarden en het privacy beleid.